Hoe meet je je voeten voor werkschoenen

Je voeten voor werkschoenen meet je het best aan het einde van de dag, rechtstaand en met de sokken die je op het werk draagt. Zo zie je sneller of een schoen vooraan genoeg ruimte geeft en aan de zijkant niet gaat knellen.

Veel maatproblemen ontstaan niet doordat je ineens een verkeerde maat kiest, maar doordat je te snel meet. Even zittend een liniaal erbij nemen zegt weinig over hoe je voet zich tijdens een lange werkdag gedraagt. Zeker bij werkschoenen wil je dat van bij de start goed hebben.

Meet later op de dag

Je voeten worden in de loop van de dag wat voller. Daarom meet je niet vroeg in de ochtend, maar liever na je werkdag of op het einde van de namiddag. Dat geeft een eerlijker beeld van de ruimte die je echt nodig hebt.

Draag tijdens het meten ook de sokken die je normaal in je werkschoenen draagt. Een dunne sportsok meet anders dan een dikkere werksok. Net dat kleine verschil kan bepalen of je tenen vrij blijven of de neus gaan raken.

Zo meet je lengte en breedte

Zet een blad papier op de vloer en ga er rechtop op staan. Trek de omtrek van beide voeten over en meet daarna van hiel tot langste teen. Meet ook het breedste deel van je voorvoet. Gebruik altijd de grootste uitkomst, want veel mensen hebben links en rechts niet exact dezelfde maat.

  • Meet beide voeten rechtstaand
  • Meet van hiel tot langste teen
  • Controleer ook de breedte van je voorvoet
  • Kies je maat op basis van je grootste voet

Kom je daarna uit bij een maat die tussen twee opties valt, kijk dan in de maattabellen en vergelijk het model dat je op het oog hebt. Een maat 43 valt niet bij elk merk hetzelfde.

Moet je met werksokken meten?

Ja, bijna altijd wel. Je werkdag doe je niet op blote voeten en ook niet op een dunne sok die je anders nooit draagt. Meet je zonder werksokken, dan lijkt een schoen vaak ruimer dan hij in de praktijk voelt.

Dat is vooral belangrijk als je twijfelt tussen twee maten of als je al weet dat schoenen snel strak zitten bij je tenen of wreef. Meten in echte werkomstandigheden geeft gewoon een bruikbaarder resultaat.

Kijk niet alleen naar de lengte

Een werkschoen kan lang genoeg zijn en toch verkeerd zitten. Let daarom ook op de breedte, de hoogte boven je tenen en de druk op je wreef. Als je voet vooraan weinig ruimte heeft, ga je sneller schuiven of anders lopen.

Soms helpt een andere ondersteuning al veel. Met goede inlegzolen ligt je voet stabieler en merk je sneller of een model echt past. Een zool lost geen te kleine schoen op, maar maakt pasvormproblemen wel sneller zichtbaar.

Vergelijk model en gebruik

Heb je je maten op papier, dan begint de echte keuze pas. Kijk niet alleen naar het nummer in de schoen, maar ook naar de neusvorm, sluiting en veiligheidsklasse. Op de keuzehulp voor werkschoenen kun je beter inschatten welk type bij jouw werk past.

Bij Proforto loont het om daar rustig even voor te gaan zitten. Goed meten kost een paar minuten, maar het bespaart je dagen met drukpunten, vermoeide voeten en een schoen die je eigenlijk al na een week wilt ruilen.